Tot uw dienst...
Media berichten – Zaak D66 Amersfoort
Aangepast 16-03-2026
Verkiezingen en dagelijks steeds meer mensen die mij vragen waar ik nu ben gebleven in politiek Amersfoort.
Momenteel wordt dit niet via zoekfuncties of menu vindbare deel van mijn site steeds vaker bekeken, dat betekend dus dat het steeds meer gedeeld wordt. Dit met de nodige telefoontjes en bezoekjes daarna, bel dus gerust bij vragen, 06 22 56 74 07.
Ik moet bijna dagelijks vragen mij niet meer te noemen en al helemaal niet meer te taggen op de socials met betrekking tot de partij, als ze dan vragen waarom, verwijs ik ze naar deze pagina als het nodig blijkt, dan hebben ze totaal beeld bij wat er gebeurd is en nog gaande is…
Publicatie- en deelrestrictie
Zie het bijbehorende persbericht (ww) voor aanwijzingen en juridisch veilige teksten voor openbare publicatie. Zonder voorafgaande toestemming mag geen enkel onderdeel van deze publicatie openbaar worden gedeeld of geplaatst dan wel gekopieerd of gedownload.
Delen met derden is alleen toegestaan wanneer het gaat om personen of organisaties die respectvol en zorgvuldig met deze zaak om kunnen gaan.
Er is naar aanleiding van onderstaand bericht een crowdfunding en een handtekeningenactie ontstaan, wil je meedoen mail dan ff naar bernard@bvgellekom.nl ik koppel je dan aan iemand die dat opgezet heeft.
Voorwoord
Ik vroeg om gesprek, bedoeld om goed te maken wat onduidelijk was en om mijn zorgen te duiden. Na vraag om rust deed ik mijn werk binnen de afgesproken toestemming, waarbij het onvermijdelijk was dat ik af en toe een minimale mededeling deed over agenda, voortgang en content. Op de sociale‑mediakanalen waarvoor ik verantwoordelijk was, zijn in dat kader ook enkele likes geplaatst. Medewerkers kon ik toen nog niet informeren omdat ik de kwestie ook op duidelijk verzoek van het raadslid klein wilde houden, de handelingen waren zuiver bedoeld maar vielen binnen mijn beheerrol en verantwoordelijkheid. Na de duidelijke stop, heb ik één noodzakelijke juridische mededeling gedaan om eerlijk te zijn en misverstanden te voorkomen. Alles bij elkaar betroffen het uitsluitend schriftelijke handelingen vanuit zorg… geen fysiek contact en nooit met dreiging of wat dan ook in die richting…
Achteraf blijkt dat dit geheel juridisch als belaging wordt gezien als men deze bedoelingen anders uitlegd. Ik heb mij dus juridisch vergist en dat accepteer ik… ik zal mijn straf tot mij nemen. Juridisch is vooral gekeken naar de herhaling, veroorzaakt door mijn paniek om de ontstane spagaat van belangen en de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer en minder of niet naar mijn intentie… binnen dat kader valt mijn handelen daardoor onder belaging…
Maar ik zal werkelijk nooit begrijpen dat menselijkheid en zorg in ons wetboek onder deze kwalificatie kan vallen. Ook al voelt het voor de wederpartij wellicht wel zo… ik ging ervan uit dat mijn intenties zouden begrepen en meegewogen zouden worden, maar dat is werkelijk niet gebeurd. Juridisch feit is juridisch feit. Het is wat het is…
Dit deel van de wet voelt voor mij (en inmiddels velen) onwerkelijk en ver verwijderd van mijn realiteit.
Ik hoop oprecht dat niemand hierin aanleiding ziet om menselijkheid en zorg na te laten…
Bernard
Ga meteen naar media artikel:
D66-raadslid weigert gesprek met mentor en doet aangifte.
Ga meteen naar media artikel:
Besturen D66 beschadigen levens
Ga meteen naar mijn bericht:
D66 Amersfoort een club zonder hart (Ongecensureerde versie)
D66-raadslid weigert gesprek met mentor en doet aangifte.
Redactie: 01-02-2026 – Aangepast 01-03-2026 10:30 – 8 minuten leestijd
Een poging tot dialoog over het sociale gedrag van een D66-raadslid escaleerde tot een aangifte en veroordeling wegens belaging. Het raadslid, dat de mentor eerder vanuit vriendschap zelf had gevraagd om begeleiding, weigerde na een discussie elk gesprek en koos voor juridische stappen. Deze opmerkelijke wending roept vragen op over politieke omgangsvormen, transparantie en de verantwoordelijkheid van volksvertegenwoordigers. Hoe ver reikt de plicht tot openheid tegenover kritiek, en waar ligt de grens tussen betrokkenheid en persoonlijke veiligheid? Het incident speelt op een moment dat het vertrouwen in de politiek onder druk staat: burgers verlangen dialoog, terwijl politici steeds vaker terugvallen op formaliteit en juridische middelen.
Zelfgevraagd mentorschap
Het verzoek tot gesprek kwam voort uit zorgen over de manier waarop het raadslid omging met mensen en collega’s. Volgens betrokkenen was het doel om wederzijds begrip te creëren en spanningen weg te nemen. In plaats daarvan werd het initiatief achteraf uitgelegd als ongewenste toenadering, wat uiteindelijk leidde tot een aangifte én een veroordeling voor belaging. Dit terwijl alle communicatie volledig schriftelijk verliep, zonder enige dreiging; er is nooit sprake geweest van telefonische of fysieke toenadering.
Wat deze situatie extra wrang maakt, is dat het raadslid niet alleen eerder actief had gevraagd om begeleiding van dezelfde mentor, maar dat ook het partijbestuur om hernieuwde ondersteuning vroeg. Het bestuur zag zich geconfronteerd met problemen rond organisatie, activatie en motivatie binnen het team en wilde daar verandering in brengen. Daarbij werd onder meer gewezen op het functioneren van het raadslid dat als een van de knelpunten binnen het team werd benoemd. De mentor werd aangesteld om opnieuw te helpen bij het versterken van de samenwerking en het verbeteren van interne processen.
Daarbij speelde mee dat hij eerder een ander partijlid succesvol had begeleid tijdens een verkiezingscampagne, wat resulteerde in een sterke positie binnen de lokale politiek. Daarnaast was hij in 2022 gevraagd om als ondersteunend campagneleider direct achter het raadslid te opereren dat de campagne aanvoerde, terwijl hij tegelijkertijd als lijstduwer (nr. 10) van D66 Amersfoort op de kandidatenlijst stond en zo aantoonbaar bijdroeg aan de verkiezingswinst. Juist die ervaring maakte hem tot een logische keuze voor het raadslid en het bestuur.
Dat een dergelijk verzoek om hulp uiteindelijk uitmondt in een aangifte en veroordeling, roept vragen op over de interne dynamiek van de partij en de manier waarop conflicten worden aangepakt. Het contrast tussen het eerdere vertrouwen en de latere juridische escalatie maakt deze kwestie des te opmerkelijker.
Escalatie achter de schermen
Het bestuur vroeg de mentor het raadslid “even met rust te laten”. Tegelijkertijd werd van hem verwacht dat hij zijn werkzaamheden voor fractie en bestuur zou voortzetten, met expliciete toestemming van het raadslid. De mentor had de kwestie zelf bij het bestuur aangekaart en aangegeven dat hij het conflict eerst wilde uitpraten alvorens te beginnen. Het raadslid gaf echter aan dit niet te willen, terwijl zij er tegelijkertijd mee instemde dat de mentor werkzaamheden voor de fractie en het bestuur zou uitvoeren. Binnen deze constructie gold vanuit het bestuur dat het raadslid de besluiten van de mentor en de afgesproken werkwijze maar diende te volgen.
Dit leidde ertoe dat de mentor zich beperkte tot het doen van uitsluitend inhoudelijk noodzakelijke mededelingen, direct gerelateerd aan zijn werkzaamheden als communicatiecoördinator. Het betrof praktische afstemming, informatievoorziening en mededelingen die noodzakelijk waren om afgesproken taken uit te kunnen voeren. Na het kritische gesprek beperkte de mentor zich tot strikt noodzakelijke, schriftelijke communicatie: korte functionele berichten die direct met werkzaamheden te maken hadden. Voorheen zagen zij elkaar bijna dagelijks, maar om misverstanden te voorkomen verliep alles voortaan op papier. Toen het raadslid ook op deze praktische berichten niet meer reageerde, gingen dezelfde mededelingen via de fractieleiding. Dat zorgde daar voor groeiende frustratie, omdat zij klem kwamen te zitten tussen twee partijen die niet langer rechtstreeks met elkaar spraken.
Daarnaast blijkt uit interne gesprekken dat binnen het bestuur al langere tijd de wens bestond om het raadslid van de portefeuille cultuur te halen. Bestuur en fractie leden gaven aan dat zij in toenemende mate moeite hadden met de wijze waarop het raadslid deze verantwoordelijkheid invulde en dat zij hoopten dat een herverdeling van taken de interne spanningen zou verminderen. In de praktijk zou dit betekenen dat het raadslid minder centraal zou komen te staan binnen dit deel van het werk. Volgens betrokkenen werd deze voorgenomen herverdeling ook gezien als een stap die het raadslid op termijn minder invloedrijk zou maken, met mogelijk gevolgen voor haar positie op de lijst.
Volgens leidinggevenden binnen de fractie werd intern uitgesproken dat deze situatie het raadslid feitelijk goed uitkwam, omdat zij zich hiermee formeel beschikbaar kon blijven tonen, terwijl de samenwerking inhoudelijk niet functioneerde. Daarbij speelde mee dat meerdere partijgenoten hadden aangegeven niet langer met haar te willen samenwerken binnen werkgroepen of projectteams, wat de interne dynamiek verder onder druk zette. Inhoudelijk noodzakelijke mededelingen die de mentor nog deed, waarop geen reactie volgde, zijn later opgenomen in de aangifte en daarin gekwalificeerd als belaging.
Wat de situatie verder compliceert, is dat het raadslid nooit een concrete reden heeft gegeven voor haar weigering om in gesprek te gaan. De mentor gaf in meerdere gesprekken aan dat de situatie op deze manier niet houdbaar was. De fractieleiding kwam hierdoor in een klempositie terecht: enerzijds verklaarde het raadslid bereid te zijn tot een gesprek en ging zij akkoord met de aanwezigheid van de mentor bij vergaderingen en fractiewerk, anderzijds werd de praktische samenwerking zichtbaar en consequent door haar belemmerd.
De mentor heeft wel een vermoeden waar deze weigering uit voortkomt, maar kiest er nadrukkelijk voor dit in het midden te laten om het raadslid niet te beschadigen. Door die keuze blijft onduidelijk waarom een gesprek, dat juist bedoeld was om misverstanden op te lossen en samenwerking te herstellen, categorisch werd afgewezen. Deze open eindheid heeft de situatie verder bemoeilijkt, omdat er geen mogelijkheid ontstond om op basis van inhoud of uitleg tot wederzijds begrip te komen.
Het conflict was in mei 2023 al bij het bestuur bekend, vrijwel direct na het kritische gesprek tussen het raadslid en de mentor. Achteraf bleek dit het moment waarop het raadslid besloot geen verdere gesprekken aan te gaan, ondanks latere uitlatingen dat zij daartoe bereid zou zijn. Een inhoudelijke uitwisseling heeft sindsdien niet meer plaatsgevonden.
Gedurende dit traject heeft de mentor, zowel in zijn schriftelijke communicatie als in zijn verklaringen ter zitting, er in eerste instantie naar gestreefd het raadslid te beschermen en de impact op haar positie te beperken. Deze terughoudendheid bleek uiteindelijk niet langer houdbaar vanwege zijn verantwoordelijkheid richting andere betrokkenen (familie, vrienden en cliënten) en de noodzaak om zorgvuldig en volledig te kunnen rapporteren.
Midden augustus 2023 vond de officiële installatie van de mentor als communicatiecoördinator plaats, tijdens een bijeenkomst met alle belangrijke D66‑vertegenwoordigers, waaronder ook het raadslid zelf. Op dat moment was het conflict nog steeds gaande.
In het uitgebreide dossier is geen moment vastgelegd waarop het bestuur het conflict expliciet heeft gepauzeerd, onderzocht of begeleid, terwijl de formele samenwerking wel werd geformaliseerd. Daarmee wordt zichtbaar wat door de mentor wordt benoemd als het ontbreken van moreel leiderschap van het bestuur: het uitblijven van bestuurlijk ingrijpen waarbij eerst ruimte werd gemaakt voor gesprek, afweging en zorgvuldige afhandeling, voorafgaand aan het doorzetten van formele besluiten.
Wat in dit geheel bijzonder opvalt, is dat het raadslid gedurende het volledige traject, zowel binnen de partij als tijdens de juridische fase, in alle toonaarden bleef weigeren om het gesprek aan te gaan. Ondanks herhaalde verzoeken van de mentor (die later in de aangifte als belaging zijn geduid), oproepen vanuit de fractieleiding en de mogelijkheid die de rechter bood, kwam er geen enkele inhoudelijke toelichting op haar bezwaren of op de aanleiding voor het abrupt beëindigen van de samenwerking. Ook tijdens beide zittingen deed het raadslid geen poging om haar handelen toe te lichten; zij beriep zich volledig en consequent op haar zwijgrecht. Daarmee werd iedere mogelijkheid tot wederzijds begrip of feitelijke verduidelijking afgesloten. In de juridische fase wees zij bovendien het door de rechter voorgestelde mediationtraject af.
Vertrouwelijke Relatie Voorafgaand aan het Conflict
Uit eerdere communicatie tussen het raadslid, de mentor en diens partner blijkt dat er in de periode voorafgaand aan het conflict sprake was van een zeer vertrouwelijke en laagdrempelige omgangsvorm. Deze relatie had een informele en soms bijna ouderlijk‑vertrouwde toon, wat bijdroeg aan de verwachting dat kwesties in goed overleg besproken konden worden. Die eerder vanzelfsprekende vertrouwelijkheid contrasteert scherp met de latere keuze om elk gesprek te weigeren en juridische stappen te zetten.
Laatste poging tot contact en nieuwe wending
Toen alle directe communicatie stilviel en de interne kritiek op het raadslid toenam, wendde de mentor zich tot de ouders in de hoop alsnog een gesprek tot stand te brengen. Dat gesprek kwam er niet. Kort daarna volgde een stopbrief van het raadslid zelf en vervolgens een aangifte van belaging, wat de verhoudingen binnen de partij verder onder druk zette.
De mentor kende de ouders sinds de verkiezingscampagne van 2022. Zij bezochten daarna enkele culturele producties die hij organiseerde, kwamen af en toe bij hem thuis en in de studio, en men kwam elkaar tegen op verjaardagen van het raadslid. Het contact vond dus plaats vanuit een beperkte, bestaande bekendheid en was uitsluitend bedoeld om de vastgelopen communicatie te doorbreken, niet om lijnen te omzeilen of druk uit te oefenen.
In eerste instantie stond de fractie, en later ook het bestuur, achter het voorstel dat de mentor de kwestie zou voorleggen aan de landelijke integriteitscommissie. Toen echter duidelijk werd dat hij niet het raadslid ter discussie stelde, maar zijn zorgen uitte over het onvermogen van het bestuur bij de afhandeling van het conflict, veranderde de houding rigoureus.
Het lokale bestuur startte daarop een royeringprocedure. In diezelfde periode werd zijn werkzame periode bij D66 verwijderd van de partijwebsite en liet het bestuur zijn werkzame periode van zijn LinkedIn‑profiel verwijderen, waardoor zijn eerdere rol binnen de partij publiekelijk verdween.
Later werd via de rechter geprobeerd niet direct zichtbare publicaties over deze zaak op zijn eigen website te verbieden. De rechter ging daar niet in mee. In dat kader stuurde de integriteitscommissie zeer vertrouwelijke expliciete stukken aan het raadslid ter ondersteuning van dat verzoek. De royering werd uiteindelijk gehonoreerd op formele gronden, zoals het maken van geluidsopnames tijdens gesprekken en niet vanwege de inhoudelijke kwestie met het raadslid zelf.
Deze gang van zaken roept vragen op over de zorgvuldigheid en vertrouwelijkheid binnen de betrokken integriteitsprocedure: wanneer vertrouwelijke documenten buiten het beoordelend orgaan om bij een individuele betrokkene belanden, staat dat op gespannen voet met het vertrouwelijke karakter dat van dergelijke trajecten verwacht mag worden.
Deze acties rieken naar een bewuste poging tot geschiedvervalsing: door de mentor uit de officiële partijgeschiedenis te verwijderen, ontkent de partij niet alleen zijn bijdragen, maar ook de context waarin het conflict is ontstaan. Dergelijke praktijken ondermijnen transparantie en versterken het beeld van interne beeldvorming boven feitelijkheid, precies op een moment dat burgers al gevoelig zijn voor politieke machinaties. Voor een partij die openheid en toetsbaarheid predikt, is dit een pijnlijke paradox.
Een illustratief voorbeeld hiervan is het laten verwijderen van zijn volledige werkzame periode van de officiële LinkedIn‑pagina, precies op het moment dat de mentor een correcte en feitelijke disclaimer had geplaatst waarin hij vermeldde dat de samenwerking was beëindigd vanwege een verschil van inzicht. De mentor heeft beide betrokken besturen om uitleg gevraagd over deze ingreep, maar tot op heden heeft geen van hen inhoudelijk gereageerd.
Bestuurlijke en politieke context
In de laatste vergadering waarin vertegenwoordigers van bestuur en fractie gezamenlijk aanwezig waren, inclusief de partner van de mentor, de fractievoorzitter en afgevaardigden van zowel het lokale als het landelijke bestuur werd besloten dat alle werkzaamheden van de mentor zouden worden neergelegd. Opvallend daarbij was dat de fractievoorzitter plotseling in strijd handelde met haar eerdere standpunten, wat vragen oproept over de omstandigheden en mogelijke druk waaronder deze plotselinge koerswijziging tot stand kwam.
Tijdens datzelfde overleg ontstond een moment van duidelijke spanning. Op de vraag van de mentor en diens partner of men werkelijk wilde dat dit conflict uitsluitend via juridische weg zou worden afgewikkeld, volgde geen inhoudelijk antwoord. In plaats daarvan reageerde de toenmalige bestuursvoorzitter op een opvallend kille toon met de opmerking dat “wij dit niet moesten willen”, waarna een geladen stilte viel en de houding aan tafel als intimiderend en afschrikwekkend werd ervaren. Voor de betrokkenen versterkte dit het gevoel dat er geen ruimte was voor dialoog of zorgvuldige afweging, maar dat verdere escalatie werd gedoogd of zelfs als vanzelfsprekend werd beschouwd.
Kort na de eerste rechtsgang werd de betrokken bestuursvoorzitter vervangen en inmiddels zijn alle destijds betrokken bestuursleden vertrokken of staan zij op korte termijn op het punt te worden vervangen.
Overdracht en genegeerd aanbod
Opmerkelijk is dat de mentor, binnen enkele dagen na het beëindigen van zijn werkzaamheden eind 2024, alles in het werk heeft gesteld om een zorgvuldige overdracht te realiseren. Hij bood aan om social media profielen, domeinen, digitale drives en fysieke materialen over te dragen, maar beschikt tot op heden nog over deze middelen, inclusief een kast vol promotioneel materiaal. Ondanks deze inspanningen beticht het bestuur hem nu van het tegendeel. Dit toont niet alleen de discrepantie tussen feiten en beschuldigingen, maar onderstreept ook hoe onmisbaar zijn rol was binnen een bestuur dat structureel worstelt met organisatie, motivatie en continuïteit.
In een latere brief heeft hij zelfs opnieuw aangeboden om bij deze overdracht te helpen, maar op dat aanbod is tot op heden wederom niet gereageerd.
Geschiedvervalsing en polarisatie
De aangifte en uiteindelijke veroordeling heeft geleid tot verontwaardiging bij stemmers op de betrokken personen maar ook bij partijleden, die het zien als een poging om kritiek te smoren. Anderen wijzen erop dat volksvertegenwoordigers ook recht hebben op bescherming tegen gedrag dat zij als intimiderend ervaren. De partij heeft nog geen officiële verklaring afgelegd, maar volgens insiders zet het incident niet alleen de interne cultuur van de partij onder druk, het dreigt ook de verhoudingen binnen de gemeenteraad verder te polariseren.
Rechterlijke uitspraak en huidige stand van zaken
Binnen twee maanden na de rechterlijke uitspraak is door Justis een VOG verstrekt voor werkzaamheden in de gezondheidszorg, wat het zwaarste screeningsprofiel omvat. Daarnaast is De Waag (Forensische Geestelijke gezondheidszorg) in overleg met de Reclassering, na drie onderzoeken, gestopt met het beoordelen van een mogelijke behandelnoodzaak, omdat er geen enkele noodzaak blijkt. Ook dit gebeurde binnen twee maanden na de opgelegde behandelverplichting door de rechter.
Deze ontwikkelingen werpen vragen op over hoe deze recente beoordelingen zich verhouden tot het eerdere rechterlijke oordeel.
Een gemiste kans voor D66?
Deze situatie raakt aan een fundamentelere vraag: hoe kunnen burgers en politici elkaar nog vertrouwen in een tijd waarin wantrouwen de norm lijkt te worden? Het weigeren van een gesprek, juist nadat het raadslid was aangesproken op haar sociale gedrag, markeert niet zomaar een gemiste kans om bruggen te bouwen, het symboliseert een pijnlijk onvermogen om verantwoordelijkheid te nemen voor menselijke verhoudingen binnen de lokale politiek. Tegelijk legt het de fragiele grens bloot tussen openheid en zelfbescherming, waarin principes vaak het onderspit delven.
Voor D66, een partij die zichzelf graag afficheert als hoeder van transparantie en dialoog, is dit meer dan een geïsoleerd incident. Het zwijgen en uitblijven van contact, maken de kloof tussen woorden en daden des te schrijnender. Juist hier had de partij kunnen laten zien dat integriteit begint bij zelfreflectie, het verwijst impliciet naar de gemiste kans op mediation of dialoog. Maar voorlopig lijkt het makkelijker om de geschiedenis te ontkennen dan een gesprek tussen partijen te organiseren.
Spijt
De mentor erkent dat hij zelf een ernstige inschattingsfout heeft gemaakt toen hij instemde met de rol van communicatiecoördinator. Toen het raadslid om adempauze vroeg, heeft hij die daardoor niet volledig geboden. Hij handelde destijds vanuit de overtuiging dat hij haar van binnenuit nog kon beschermen, maar achteraf erkent hij dat dit de verkeerde beslissing was. Hij koos voor wat hij zag als het grotere belang , in het bijzonder haar belang en dat van de fractie en negeerde daarmee een duidelijke persoonlijke grens. “Ik had beter moeten weten,” zegt hij nu. Met zijn jarenlange ervaring in coaching en begeleiding had hij moeten beseffen dat het respecteren van die grens zwaarder woog dan zijn poging om het evenwicht in de samenwerking van binnenuit te herstellen.
Tijdens beide zittingen betuigde hij nadrukkelijk zijn spijt over die verkeerde beslissing, een moment van erkenning dat zwaarder woog dan elk inhoudelijk verweer. Zijn spijt legt een pijnlijke waarheid bloot: zelfs wie door ervaring en overtuiging gevormd is, kan onder de druk van loyaliteit en groepsbelang de verkeerde keuze maken, in dit geval een keuze met gevolgen die voor vele partijen zowel desastreus als blijvend blijken.
Taakstraf en crowdfunding
De taakstraf wordt uitgevoerd bij Kringloopwinkel Amersfoort. Dit wordt door de mentor beschouwd als een maatschappelijke bijdrage die hij, in het verlengde van zijn betrokkenheid bij de sociale stad, met toewijding en plezier zal uitvoeren.
Via crowdfunding is inmiddels al ruim € 22.000 opgehaald ter dekking van juridische kosten.
Persoonlijke reflectie
De mentor bereidt een boek voor als reflectieve reconstructie van dit traject: wat er feitelijk gebeurde, welke verantwoordelijkheden botsten en welke lessen daaruit te trekken zijn. Met die documentatie beoogt hij inzicht en zorgvuldigheid te bevorderen in vergelijkbare situaties binnen politiek, bestuur en zorg‑/vrijwilligerscontexten.
Een website met alle relevante achtergrondinformatie is alleen op verzoek beschikbaar en wordt uitsluitend gedeeld na goedkeuring van de mentor.
Ga meteen naar media artikel:
D66-raadslid weigert gesprek met mentor en doet aangifte.
Ga meteen naar media artikel:
Besturen D66 beschadigen levens
Ga meteen naar mijn bericht:
D66 Amersfoort een club zonder hart (Ongecensureerde versie)
Besturen D66 beschadigen levens
“Wij voelen ons misbruikt en afgedankt…”
“Tussen vonnis en menselijkheid: Bernard en Ingeborg over een breuk die alles veranderde”
Onderstaande tekst geeft hun persoonlijke reflectie weer op gebeurtenissen die grote impact hebben op alle betrokkenen.
Naar aanleiding van de veroordeling van Bernard van Gellekom voor de belaging van een raadslid van D66 Amersfoort bevind ik mij in één van de zwaar leren stoelen en kijk rond. In deze stoel heeft hij, weet ik, de afgelopen decennia menig cultureel format bedacht om later met zijn team de stad in te slingeren. Bernard maakt koffie en begint al te praten. Ik luister nog niet echt.
Dit alles speelt zich af in zijn werkkamer, De Bibliotheek genaamd. De ruimte ademt historie en wijsheid. De muren zijn bekleed met boeken, brieven en herinneringen aan een leven gewijd aan het helpen en onderwijzen van anderen. Aan de muren hangen Amersfoortse kunstwerken, schilderijen en foto’s die de stad en haar cultuur weerspiegelen. Elk stuk heeft een verhaal, een verbinding met de mensen die hij in de loop der jaren heeft leren kennen en begeleid. Deze werken hebben allemaal een stukje van de stad en zijn mensen in zich, zegt Bernard. Veel is gemaakt door mensen die hier ooit in deze stoelen zaten, zoekend naar richting in hun leven of met een duidelijk doel voor ogen. Hier, in deze ruimte, hebben velen, onder wie inmiddels bekende Amersfoorters en Nederlanders, richting gevonden. Bernard zit in de haarvaten van Soesterkwartier, Amersfoort en zijn leven.
Redactie: 26-06-2025 – Aangepast 21-02-2026 12:30 – 12 minuten leestijd
De Bibliotheek…
De stoel kraakt zacht als ik ga zitten. De Bibliotheek ruikt naar koffie, papier en een soort geduld dat alleen in oude kamers bestaat. Boekenruggen kijken mee, brieven ademen levens van anderen, schilderijen bewaren het licht van avonden waarop plannen geboren werden. Hier werden decennia lang formats verzonnen, campagnes geweven, jongeren begeleid, een stad toegesproken. Hier brak het ook. Niet met een klap, maar als een scheur die eerst onzichtbaar is en ineens overal doorheen loopt, een stadshart dat klopt in stilte, maar breekt waar niemand luistert. Bernard zet de kopjes neer en schuift, bijna verontschuldigend, een laptop naar voren. Geen groot gebaar, eerder een bede: lees, zie en hoor. Het dossier is geen stapel papier maar een enorm digitaal landschap. Tussen tijdlijnen en foto’s klinken fragmenten van stemmen; wie het wil, kan de route terugvinden op een site die hij heeft moeten bouwen om zich te verantwoorden naar een stad die hij goed kent maar die hem ook goed kent.
Daar, in die route, begint alles niet met een beschuldiging, maar met een vraag om hulp.
Zij vroeg, na een langzaam gegroeide en vertrouwde vriendschap, ook om mentorschap. Het bestuur vroeg later om hernieuwde steun. Het ging over sociale dynamiek, over gedrag dat goed moest landen, over mensen die elkaar wilden helpen groeien. Er was de bedoeling van zorg waar men pas later ontdekte hoe anders diezelfde zorg kan worden geïnterpreteerd.
De gewenste gesprekken waren bedoeld om het níet te laten ontsporen, maar werden later uitgelegd als toenadering. Wat in eerste aanleg zorg heette, werd in tweede aanleg bewijs. Zo ontstond er een aangifte. En zo werd er uiteindelijk een vonnis uitgesproken.
Wat later als ‘het stopbericht’ werd aangeduid, kreeg in de uitspraak diezelfde mantel om de schouders. In de berichten die ik lees, staat het er letterlijk: na maanden van beloofde gesprekken die maar niet kwamen, schrijft zij: “ik heb even rust nodig, even adempauze.” Bernard vraagt daarop of ze dan geen hulp meer wil; ik lees haar antwoord: “Dat zeg ik niet, maar ik heb even rust nodig” Hij sluit af met een zin die de avond weer stil maakt: hij wil het liefst nu naar haar toe fietsen om het uit te praten, maar hij gaat naar bed en hoopt dat het gesprek ooit nog zal gebeuren. Dat was het laatste persoonlijke bericht.
Daarna houdt hij zich aan uitsluitend zakelijke, noodzakelijke mededelingen. Ik zie ze terug in de tijdlijn, die in eerdere maanden juist overvol was met privéfoto’s; in betere tijden zocht zij hem soms tientallen keren per dag per app op. In diezelfde periode trokken Bernard en Ingeborg met haar door het land voor spulletjes, hielp Bernard haar met kleding en stijl om in de stad een eigen, herkenbaar imago te krijgen, en hielp hij haar praktisch bij de verbouwing van haar appartement. Maar zij antwoordt niet meer. Vanaf dat moment laat Bernard de noodzakelijke mededelingen via de fractieleiding lopen; in een opname hoor ik hoe de moed daar hoorbaar weglekt, alsof men wel klaar met de dame is.
Pas later, na een ongeruste brief aan haar ouders met het verzoek om een gesprek, volgt geen ontmoeting maar een stopbrief. Daarna komt er een stopgesprek dat de politie zelf niet nodig achtte; Bernard hield zich immers al maanden stil en op afstand. Later blijkt dat dit gesprek vooral werd doorgeduwd vanuit het stadhuis een formele handeling die meer over systeemlogica ging dan over menselijke noodzaak. Die afstand was in de tussentijd alleen maar groter geworden: Bernard vermeed bewust elke kruising, elk contact, zelfs het toeval. Na een lange stilte verstuurt hij nog één noodzakelijk juridisch‑informatief bericht met slechts een mededeling. Kort daarop volgt de aanhouding.
De paradox die daarop volgde
“Laat haar even met rust, maar ga wel door met het werk voor fractie en bestuur.”
De zin blijft hangen als restwarmte. “Als ze niet meewerkt, dan is dat aan haar, ze moet gewoon volgen.” Het waren woorden uit het bestuur uit een periode waarin voorzichtigheid en opdracht elkaar kruisten. In de praktijk werd alles prozaïsch en behoedzaam: alleen nog schriftelijke, functionele mededelingen, dienend aan het aangenomen werk, bewaard om misverstanden te vermijden. Nuchtere zinnen, professioneel en traceerbaar. Precies dat zakelijke contact zou later het label belaging krijgen. Alsof de stilte zelf ineens lawaai was gaan maken.
Dit zegt alles over hoe het recht naar belaging kijkt. Wat in menselijke termen voelde als een adempauze, geen echte stop, maar een moment om de temperatuur te laten zakken, werd juridisch gelezen als een muur. Berichten die, voor zover wij ze lezen, louter praktisch waren en zonder druk of dreiging bedoeld, kregen in een ander licht een andere lading. Het recht meet in lijnen; het leven schrijft in krommingen. Wat zorg was, heet hier belaging. En zo werd stilte, ooit bedoeld als bescherming, de enige getuige die nog sprak.
In dezelfde ruimte waar wij nu bij de haard in de zwaar leren stoelen zitten, hoor ik in terugkerende fluisteringen, hoe er over haar is gesproken, soms bezorgd, te vaak zuur en wrang, soms met een ongezonde felheid en bewoordingen die je hart koud maakt. Terwijl Bernard zijn laptop aan mij geeft en het vuur zacht gloeit, navigeer ik door digitale mappen, bestanden en opnames van promo filmpjes van iemand die nu wethouder is. Hij speelt enkele opnames af, fragmenten uit een tijd waarin spanning en onbegrip zich opstapelden. Ik hoor stemmen die in hun frustratie, scherpe woorden gebruiken over haar, maar ook over anderen met wie in de coalitie werd samengewerkt, bestuurders, mensen die zelf vastzaten in hun eigen perspectief. De toon in sommige van die fragmenten is harder dan de werkelijkheid aankan, rauwer dan iemand werkelijk bedoelt wanneer hij in vertrouwen spreekt.
In de digitale mappen zie ik ook foto’s; honderden, misschien duizenden. Privébeelden van het raadslid en van samenwerkingen; avonden waarop plannen nog klein waren, projecten die groeiden omdat mensen elkaar vertrouwden. Gezichten die open staan, momenten waarop niemand nog weet welke bochten het verhaal later zal maken. Die beelden vormen een zachte tegenstem naast de harde klanken uit de opnames, alsof de linkerhelft van het scherm herinneringen probeert vast te houden terwijl de rechterhelft uitsluitend nog spreekt in frictie.
Wat mij treft, is dat Bernard in bijna elk van die opnames als tegenstem te horen is. Terwijl anderen hun oordeel laten rollen, ook over nadere fracties en coalitie genoten, brengt hij de temperatuur omlaag, stelt woorden bij, legt nuance terug in het gesprek. Hij herhaalt dat niemand tot één fout of één moment mag worden gereduceerd. Dat zorg geen claim is. Dat interpretaties ontsporen als angst het overneemt. Dat mensen lucht nodig hebben om niet los van elkaar te raken. Zelfs wanneer de spanning in de stemmen om hem heen hoger klinkt dan verstandig is, blijft hij zoeken naar kalmte, richting, menselijke maat. De delen van de opnames waarin over andere partijen werd gesproken, heeft hij voor de online versie weggeknipt. Ik mag ze wel horen. Ik schrik van de felheid, maar begrijp waarom hij ze toch laat klinken: niet om iemand te beschuldigen, maar om hoorbaar te maken hoe mensen soms hard uit de bocht kunnen vliegen wanneer zij zichzelf of hun positie het belangrijkst vinden.
Het voelt vreemd, bijna symbolisch: dat in deze ruimte, waar de haard warmte geeft, zorg op een gegeven moment een wapen werd omdat niemand meer durfde te fluisteren wat het hart wist. Macht zonder oren wordt een eenzame rivier die mensen niet draagt maar meesleurt. En hier, in de stilte na het terugluisteren, wordt dat pijnlijk zichtbaar. Moreel leiderschap flitst in het dossier op als een woord dat zijn eigen belofte niet redt; er kwam geen pauze, geen onderzoek, geen veilig gesprek. Alleen formele stappen, een digitaal spoor dat zich steeds verder verwijderde van de mensen om wie het begon. Toen de rechter later mediation suggereerde, bleef dat pad onaangeroerd. De deur die wat Bernard betreft nog op een kier stond, viel met een droge klap dicht.
In de opnames die Bernard laat horen, valt nóg iets op dat tussen de regels lijkt te leven. Niet alleen de spanning rond haar, maar ook hoe sommige mensen in haar omgeving, soms zacht, soms uitgesproken, tot de conclusie kwamen dat zij misschien niet geschikt zou zijn voor de politiek. Dat samenwerken moeizaam ging, dat zij met anderen botste, dat ze energie vroeg die men zelf niet meer had. Ik hoor hoe er wordt gesuggereerd haar portefeuille cultuur tijdelijk bij iemand anders onder te brengen, “om Bernard wat lucht te geven.” Maar juist daar, op dat moment, weigert hij mee te bewegen. Hij wil niet dat zij op deze manier buitenspel wordt gezet, niet dat zij de prijs betaalt voor onbegrip met wat bij haar mogelijk speelde. Achteraf voelt dat als het moment waarop een andere keuze werd gemaakt, niet door haar, niet door hem, maar door de structuur om hen heen. Een moment waarop Bernard, door niet met die stroming mee te gaan, zelf langzaam buiten de lijn werd geschreven.
Wat er daarna gebeurt, lijkt niet op zorg maar op regie. Niet de soort regie die mensen beschermt, maar de administratieve variant die vooral stappen afvinkt. Bernard vertelt hoe er ineens alleen nog formele lijnen leken te gelden: een royering waarin procedure boven inhoud kwam te staan. Werkzame perioden die uit het zicht werden gehaald. Het verzoek bij de rechter om bepaalde online pagina’s te verwijderen, alsof het verleden geen licht meer mocht dragen. En toch liep onder dat alles iets anders door: bijna vanzelfsprekend bood Bernard wederom aan om alles ordentelijk over te dragen, toegang, domeinen, digitale archieven, materiaal dat anders zou dolen. Alsof zorgvuldigheid, wanneer zij formeel geen adres meer had, toch ergens wilde blijven wonen.
Beneden in een kast liggen nog steeds de tastbare resten van samenwerking: banners, dozen met jassen en shirts, posters, het groene D66‑Valentijnhart uit een andere tijd. Ze liggen daar als achtergelaten koffers op een perron. Niemand komt ze halen, maar ze betekenen wel degelijk iemand. Net als de foto’s en filmpjes op de laptop. Net als de stemmen in de opnames. Net als het verhaal dat in deze ruimte nog steeds ritselt wanneer je de stilte lang genoeg laat staan.
De prijs is niet in geld te vangen
Wat ik hier zie, in zijn verhalen en gebaren, is hoe zorg, onderwijs, cultuur en politiek, veertig jaar zorgvuldig opgebouwd, plotseling tot stilstand komen. Niet omdat hij niet meer kan, maar omdat hij niemand in de weg wilde lopen, vooral haar niet. Ik merk hoe liefde en zorg voor één persoon en voor een hele stad kunnen betekenen dat iemand zwijgt waar hij eigenlijk wil spreken. En hoe datzelfde zwijgen, zodra het een systeem binnenvalt, bijna automatisch wordt gelezen als schuld.
Wat daardoor stilvalt, is niet alleen werk, maar ook het dagelijkse weefsel dat een leven maakt: telefoontjes die hij niet meer pleegt, plannen die hij niet meer uitzet, een stem die hij dempt om geen extra schade toe te brengen. Ik zie hoe die prijs zich niet in geld laat vertalen, maar in ritme en adem. Voorzichtigheid maakt hem minder zichtbaar, maar niet minder aanwezig. Onder alles voel ik een vertrouwen dat wat werkelijk telt uiteindelijk niet wordt afgerekend, maar herkend, langzaam, maar echt.
Dan de omslag die geen omslag had moeten zijn
Verzoeken om te praten, eerst gewoon, daarna met een vertrouwenspersoon; een brief die warm is maar als bewijs achteraf onhandig blijkt, een stilte die langer duurt dan goed is; een voorzichtige brief aan ouders die niet bedoeld is om te schaden maar om lucht te maken. In plaats van lucht komt er het dichte van beleid: stopgesprek. De rechercheurs constateren rust die al maanden bestaat; uit beleefdheid stuurt hij na het stopgesprek slechts één korte juridische mededeling, geen vraag geen tekst slechts een mededeling van één zin, kort daarna volgt de aanhouding.
In de verklaringen duikt vroeg de schaduw van de burgemeester op, geen neutraal licht, maar een hand die aan de knoppen zit, zo staat het in de stukken. Wat recht moet ordenen, lijkt hier eerst te versnellen; een lotsdraad die strakker trekt, niet om te leiden maar om te knellen, want macht die een stad leidt zonder haar fluisteringen te horen, wordt geen schild maar een storm. Wie dit leest, wie dit hoort, kan moeilijk om dat ene gevoel heen: hier is een machtsspel gespeeld dat zwetend ziek aanvoelt. Niet omdat macht altijd vuil is, maar omdat zij hier niet geneest. Macht zonder gesprek wordt veldslag; veldslag zonder waarheid wordt geschiedenis die niemand nog herkent. Bernard probeert in die fase nog met de burgervader in gesprek te komen, maar er wordt, zo lees ik in de reactie mail, naar de juridische weg verwezen.
En dan, sneller dan je zou verwachten
Na de veroordeling kwam er onverwacht een ander licht: binnen enkele weken na de uitspraak werd juist toch een VOG verstrekt, op het zwaarste profiel binnen de zorg. En de verplichte GGZ‑begeleiding, in overleg met de reclassering ingezet, concludeerde al na drie intensieve onderzoeken dat er geen behandelnoodzaak was. Het zijn uitkomsten die niet schreeuwen maar wel spreken. Ze betwisten het vonnis niet, maar leggen er een schaduw naast, een herinnering dat waarheid zelden in één licht badt, maar breekt in facetten van tijd, context en menselijk falen. Een vonnis kraakt een mens, maar de stad ademt intussen door.
Wat daarbij onderbelicht blijft, is dat het misging precies op het moment dat Bernard zelf even afstand wilde. Niet vanuit afwijzing, maar omdat de relatie, die ooit professioneel en warm begon, in zijn ogen te intiem werd. Hij wilde dit eerst zorgvuldig met haar bespreken, App na App zie ik hier zei ze hem dat ook toe, maar telkens schoof ze het vooruit, wekenlang, maandenlang. Zo ontstond een stilte die niemand wilde en die later door iedereen werd ingevuld met iets anders dan bedoeld.
Wat mij daarnaast opvalt, is hoe zij, nadat de zitting in het hoger beroep voorbij was en na de toelichting waarin ook de hardere uitspraken van anderen over haar ter sprake zijn gekomen, zij vermoedelijk met sommigen van hen wel het gesprek is aangegaan. Dat is begrijpelijk; mensen zoeken vaak naar de stemmen die het gemakkelijkst te bereiken zijn en elkaar binnen het systeem nodig hebben. Maar het maakt één ding des te zichtbaarder: dat haar persoonlijke belangen, hoe menselijk ook, zwaarder lijken te zijn gaan wegen dan de menselijke belangen van wie oprecht uit zorg voor haar bleven staan. Bernard en Ingeborg horen zichzelf dat hardop zeggen, maar ik zie ook de zachtheid erachter: dat zij, ondanks alles, nog steeds voor haar klaar zouden staan als zij daar ooit behoefte aan heeft.
“Ze heeft geen ijsbal in haar hart… zoals gezegd word… het is een ijzig zelf beschermend laagje, ik hoop nog steeds dat die een keer weer naar ons ontdooit zegt Bernard.” En dat wil hij perse genoteerd hebben.
Was het beeld daarmee compleet? Waren alle deuren werkelijk open geweest? Wat mij vooral treft, is hoe de rollen in elkaars licht zijn gaan staan: haar zichtbare slachtofferrol, soms groot, soms begrijpelijk en daarachter een regie die zichtbaar wordt zodra je inzoomt, in lijnen van fractie, bestuuren, ouders en een burgemeester. Geen enkel onderdeel op zichzelf een boosdoener, maar samen een dynamiek die de uitkomst bijna leek voor te schrijven. In zulke constellaties is niemand nog uitsluitend dader of slachtoffer; iedereen raakt uitvoerder van een verhaal dat groter wordt dan henzelf. Bernard kon het tempo prima bijbenen, maar wie alleen komt te staan tegenover een veelheid aan stemmen, belangen en posities, staat niet langer tegenover één mens, maar tegenover een systeemstructuur die zichzelf blijft bewegen. Van die overmacht viel niet te winnen; uiteindelijk betaalt híj de prijs.
De partij als systeem
Later op inmiddels avond, wanneer de stad stiller wordt en alleen nog het licht van een scherm de ruimte tekent, schuift Bernard een stoel dichterbij. In zijn inbox liggen berichten als losse knikkers die ooit deel waren van één set. Er is de aankondiging van een royering, niet vanwege de kern van het conflict maar om de vorm: regels over opnames, de nette randen van een procedure. Er is het verdwijnen van een werkzame periode uit het zicht, alsof een seizoen uit het geheugen van de partij is geknipt. Er is de poging om zelfs voor het grote publiek onzichtbare pagina’s tot zwijgen te brengen, een verzoek dat de rechter niet volgt, maar dat wel laat zien hoe graag men de geschiedenis wil laten verdwijnen. En er is vooral dat praktische aanbod dat blijft liggen: toegang, domeinen, dozen met materiaal die wachten als reizigers zonder trein.
Wie dit zo leest, proeft niet eerst kwaadwillendheid maar iets verraders: gemak. Systemen kiezen voor het pad dat het minst schuurt. De belofte van openheid wordt dan een gordijn dat dichtvalt zodra er tocht ontstaat
“een stad die ademt maar haar eigen verhalen verstikt, omdat stilte veiliger lijkt dan de waarheid die menselijk maakt.”
In de stad hoor je mensen zeggen dat dit vaker gebeurt met wie nog jong is, wie nog moet wortelen: ze worden onderdeel van strategieën die niet van henzelf zijn. Het is geen groot complot, het is erger: het is het alledaagse elkaar aankijken en luisteren en toch niet zien en horen.
Hier, in deze bijzondere ruimte, krijgt dat namen die we zelden hardop zeggen: geschiedvervalsing en karaktermoord… niet als misdaad met sirenes, maar als dagelijkse handigheid.
Wanneer hem wordt gevraagd wat hem het meest heeft geraakt, valt er een lange intieme stilte. Bernard tikt één keer met zijn vinger op het bureau.
“Dat de anderen het gewoon lieten gebeuren,” zegt hij dan zacht. “Alsof verantwoordelijkheid iets was dat iedereen tegelijk neerlegde. En in die leegte vielen twee mensen, ongemerkt en ongezien.”
Vragen die blijven meeklinken
Soms schuiven de vragen niet als bullets voorbij maar als fluisteringen die in de ruimte blijven hangen. Waarom werd gesprek en mediation geweigerd en op wiens weging rustte dat besluit? Welke afspraken lagen er werkelijk onder de voortgezette samenwerking toen het conflict al bekend was? Wie besloot het verleden te knippen, werkzame perioden te wissen, een royering op te tuigen en met welk mandaat? Wat bewoog de burgemeester om zo vroeg in de motoriek van deze zaak te grijpen zonder zelf het gesprek aan te gaan en hoe rijmt dat met de beloofde onafhankelijkheid? En tenslotte: hoe verhouden de met straalmotoren aangedreven snelle afgifte van een VOG in de zorg en de nuchtere conclusie van De Waag zich tot het eerdere oordeel in de rechtszaal?
Het zijn geen vragen voor een lijst, maar voor een samenleving die zichzelf in de ogen wil kijken
Bernard & Ingeborg…
Wat blijft, zijn mensen. Honderden berichten van steun, verklaringen, schouders en zelfs grootse financiële gebaren. En toch… verlies. Verlies van het dagelijkse werk in zorg, onderwijs, cultuur en politiek. Verlies van vertrouwen. Verlies van een vriendschap die in de kern menselijk was en dat had kunnen blijven, als er gewoon was gesproken. En verlies van een sociaal, maatschappelijk, cultureel en politiek netwerk dat in ruim veertig jaar zorgvuldig is opgebouwd.
“Wij voelen ons misbruikt en afgedankt,” zegt Ingeborg. “Het is geen slogan, het is een samenvatting.”
Spijt
In zijn aantekeningen krijgt spijt geen uitroepteken maar een langzaam woord; het dwarrelt de ruimte in zoals as na een vuur dat dooft. Wat hij vertelt, doet hij zonder drama, eerder alsof hij iets terugzet op de plek waar het eigenlijk had moeten staan. Zijn fout, zegt hij, zat niet alleen in het aannemen van een titel, communicatiecoördinator maar in een overtuiging: het idee dat nabijheid altijd heelt, zolang je maar lang genoeg blijft staan.
Toen zij om adempauze vroeg, bood hij afstand, maar geen stilte. Hij bleef dichtbij vanuit de oprechte gedachte dat nabijheid bescherming bood, dat je een kwetsbare situatie bewaakt door niet weg te gaan. En in de berichten die later opdoken, stond het onmiskenbaar: dat hij haar zou beschermen tegen onrecht, jaloezie en afgunst, desnoods op zijn leven. Het was bedoeld als schild, niet als schaduw. Maar zelfs de beste bedoelingen kunnen, wanneer de belangen en de context kantelt, veranderen in iets dat te zwaar op iemand drukt.
Nu noemt hij dat een vergissing. Niet omdat zijn intentie verkeerd was, maar omdat het grotere belang waarvan hij dacht dat het gediend moest worden, zij, de samenwerking, de orde, ongemerkt een sluiproute werd langs zijn eigen grenzen. Zijn “ik had beter moeten weten” valt als een steen in water dat allang stilstond: zonder rimpels, maar met gewicht.
Wat opvalt, is dat zijn spijt geen schuldbekentenis is maar een herordening. Een verschuiving. Het besef dat zorg soms betekent dat je níet blijft staan, dat je níet redt, dat je juist beschermt door wél afstand te houden. Dat nabijheid lucht moet geven en geen zuurstof mag wegnemen.
Hij heeft jarenlang gecoacht en doet dat nog steeds, maar in dit ene traject liet hij iets essentieels liggen: de gedachte dat nabijheid vanzelf bescherming is, verblindde hem voor de noodzaak van afstand. Zijn intentie om dichtbij te blijven, om te waken, werd onbedoeld een risico.
Spijt is voor hem dus geen hard oordeel maar een inzicht: keuzes zijn zelden eenvoudig. Nabijheid kan veiligheid geven, maar ook druk; warmte kan steun zijn, maar werpt soms een schaduw die langer wordt dan gezond is.
In dat licht klinkt “ik had beter moeten weten” niet alleen als terugblik, maar als stille belofte voor wat komt. Dat grenzen, hoe zacht ze ook getrokken worden, soms de meest menselijke vorm van nabijheid zijn…
Slot…
Soms eindigen verhalen niet met een punt, maar met stiltes tussen woorden. Dit schrijven is zo’n stilte die leesbaar is gemaakt: wat we zien, horen en lezen staat hier bijeen, juist om… eindelijk… ruimte te maken voor wat ontbreekt: een gesprek.
Bernard heeft de site gebouwd waarop hij bijna volledig zijn verhaal en alle relevante documenten deelt. Een plek waar het geheel zichtbaar wordt, niet als aanklacht maar als poging tot helderheid. De link wordt alleen via de redactie verstrekt, en enkel met zijn toestemming; alsof zelfs toegang tot de waarheid een vorm van zorgvuldigheid vraagt.
Persoonlijke reflectie van Bernard
Wat mij het meest raakt in deze periode, is niet de onrust, maar de onverwachte openheid. Ik/wij ontvang(en) meer oprechte, liefdevolle en eerlijke waardering dan ik ooit had durven vermoeden.
De gesprekken die ik voer zijn intens en inhoudelijk. Mensen spreken zich uit. Er wordt niet gezwegen. Er wordt gedeeld zonder terughoudendheid, vanuit vertrouwen. Kritisch waar nodig, warm waar mogelijk…
De tientallen berichten, steunbetuigingen en verklaringen die mij maar ook Ingeborg bereiken, maken de situatie waarin ik mij bevind des te moeilijker te begrijpen. Hoe meer mensen onder woorden brengen wie ik voor hen ben en ben geweest, hoe groter het contrast wordt met het beeld dat is aangedaan… Die kloof is niet alleen pijnlijk, maar ook verontrustend.
Mijn oom zei ooit: “Je zou eens op je eigen begrafenis moeten kunnen horen hoe mensen echt over je denken.”
Wat hij als gedachte experiment bedoelde, ervaar ik nu in werkelijkheid. Ik hoor wat mensen werkelijk vinden, terwijl ik hier ben, aanwezig en spring levend. Altijd bereid om te luisteren en het gesprek aan te gaan met wie dat ook wil, nodig heeft of nog zou aandurven…
Juist dat contrast maakt deze periode zo dubbel. De warmte van mensen tegenover de kille juridische logica van systemen. De menselijke werkelijkheid tegenover het institutionele oordeel.
Het is intens. Het is prachtig. En het is schrijnend tegelijk…
Bernard
Ik heb Bernard toestemming gegeven dit op zijn webpagina, wat vooralsnog voor een selecte groep bestemd is, te publiceren ter verduidelijking van zijn verhaal.
Naam bij redactie bekend.
Ga meteen naar media artikel:
D66-raadslid weigert gesprek met mentor en doet aangifte.
Ga meteen naar media artikel:
Besturen D66 beschadigen levens
Ga meteen naar mijn bericht:
D66 Amersfoort een club zonder hart (Ongecensureerde versie)
D66 Amersfoort een club zonder hart
Een getuigenis over menselijkheid, macht en de onherstelbare schade die is aangedaan…
Over Karaktermoord, Geschiedvervalsing en Onmenselijkheid…
Er komt een moment in een mensenleven waarop je terugkijkt en ziet dat het gevaar niet lag in één klap, maar in de langzaam verkillende atmosfeer waarin je jarenlang hebt gestaan. Een ruimte waarin woorden nog wel klonken als waarden, maar niet langer vanuit waarden werden gesproken. Ik voelde het… ik wist het… en er is een periode geweest dat ik het omgebogen kreeg.
Ik stond daar als mentor, nog zonder dat etiket… vooral iemand die allereerst kijkt naar mensen, naar hun ontwikkeling, hun kwetsbaarheid, hun verlangen om te groeien. Ik ondersteunde een jongvolwassene die zijn weg al wel wist, en iemand die nog haar weg probeerde te vinden binnen een wereld en een club die zichzelf graag zag als gemeenschap, maar die haar hart nog niet gevonden had.
Ik zag hoe een plek verschoven werd, niet in één beweging, maar in kleine, onuitgesproken duwtjes… momenten waarop men haar net iets minder zag, net iets minder serieus nam, net iets minder ruimte gaf en steeds kritischer beschreef. Ondermijning van het menselijke, om de macht van een zetel te bewaken met… een slangenkuil waarin de ambitie van enkelen langzaam belangrijker werd dan de menselijkheid van iedereen…
Amersfoort, 15-03-2026
Binnen de groep ontstonden privébanden die steeds intensiever werden. Wat begon als vertrouwen en nabijheid, kreeg een lading die voor niemand op de lange termijn gezond zou zijn. Voor mij werd het duidelijk dat volwassen verantwoordelijkheid vragen betekende… grenzen stellen, overzicht bewaren en bescherming creëren, niet alleen voor mezelf, maar juist ook voor de anderen die hierin verstrikt dreigden te raken.
Vanuit die verantwoordelijkheid heb ik uitgesproken dat die privébanden even op pauze moesten Niet uit afwijzing, niet omdat iemand iets verkeerd had gedaan, maar juist uit zorg. Uit respect. Uit liefde zelfs… maar dan in de vorm die volwassenheid en integriteit eisen…
Tegelijkertijd wilde ik de professionele of organisatorische samenwerking wel behouden. Niet alleen omdat dat eerder de wens was van meerdere mensen binnen de club, maar ook omdat ik echt geloofde dat dit de beste manier was om groei, toekomst en stabiliteit voor iedereen te blijven waarborgen.
Maar het moment waarop ik dat uitsprak, veranderde de dynamiek volledig. Sommige mensen trokken zich abrupt terug, alsof er geen ruimte meer was voor wederzijds respect of een nieuwe vorm van verbinding. De deuren gingen dicht… met een klap… soms letterlijk, soms figuurlijk… en hoewel ik probeerde overeind te blijven, kwam die klap harder aan dan ik had verwacht. Wat ooit open en warm voelde, werd ineens afgesloten en die deur kreeg ik niet meer open het was van binnen op slot gezet…
Want de club die al langer geen hart meer had om menselijke complexiteit te dragen, zag of wilde niet de verantwoordelijkheid, de zorg, de volwassenheid achter mijn beslissing. Zij zag slechts een verhaal dat haar niet goed uitkwam, een mens die nu alleen stond en een situatie die bruikbaar werd, om tegen mij te gebruiken…
Vanaf dat moment verschoof de kilte die men soms naar elkaar had… naar mij… alsof zorg hebben voor iets wat je begeleidt een bedreiging was voor de orde die men krampachtig wilde bewaken. Terwijl ik juist gevraagd was door bestuur en de fractie om het een en ander weer op te tuigen en in balans te brengen. Ik creëerde een situatie om mensen overeind te houden, omdat die dreigden te verdwijnen in een structuur die niet wist hoe ze die moest dragen. En daarmee werd ik het probleem… niet omdat ik iets verkeerds had gedaan, maar omdat ik iets had gedaan wat zij niet meer konden… menselijkheid laten voorgaan.
De schade die dit alles heeft aangericht, zit diep verankerd in mijn leven… met veel verdriet. Niet alleen in mij, maar ook in de levens van de mensen die naast mij zijn blijven staan… mijn partner Ingeborg, mijn vrienden, mijn cliënten en iedereen voor wie wij zorg dragen en verantwoordelijk zijn. Geen van hen heeft ons verlaten. Integendeel… onze banden zijn verdiept tot een intensiteit die je alleen kent wanneer je samen stormen doorstaat die niemand van ons ooit verdiend heeft. Hun trouw en vertrouwen zijn voor mij van onschatbare waarde.
Maar ook zij dragen nu littekens die nooit meer volledig zullen helen. Want wanneer een zorgend mens wordt beschadigd, scheuren de cirkels om hen heen altijd mee en zullen ook zij moeten leren leven met de fantoompijn van iets wat er niet meer voor ze is.
Nu er twee officiële documenten liggen die hun vertrouwen in mij niet alleen bevestigen, maar ook de eerdere rechterlijke uitspraak in een ander daglicht plaatsen, voel ik mij sterker dan ooit om de volgende stappen te zetten.
Buiten de maatschappij
Deze organisatie is verworden tot een intellectuele hobbyclub die het contact met professionaliteit en met de werkelijkheid volledig heeft verloren. Sinds het moment dat zij de grootste werden, lijkt een gevoel van vanzelfsprekende blinde superioriteit de dominante houding te zijn geworden. De idealen van de grondleggers worden misbruikt om een positie in de maatschappij veilig te stellen, terwijl persoonlijke ethiek volledig lijkt te ontbreken. Wat zij naar buiten toe verkopen als bescherming, gelijkwaardigheid en veiligheid is niet meer dan beeldvorming en holle retoriek. Het echte gesprek gaan ze uit de weg… Letterlijk uit de weg…
Deze Club draagt bij aan het groeiende onbegrip voor de politiek bij mensen die juist behoefte hebben aan uitleg, aan inhoud en aan het logisch uitgelegde ‘waarom’ achter besluiten. Ze zijn het vermogen tot echte communicatie kwijtgeraakt, omdat ze de mens uit het oog hebben verloren en er niet meer tussen leven… de mens voor wie ze keuzes zouden moeten maken. Ze bewegen zich in een bestuurlijke wereld waarin de gedachten en zorgen van veel burgers hen vreemd zijn geworden. Ze gaan wel het gesprek aan, maar het “anders denken” kunnen ze niet meer begrijpen. En zeker niet om tot een andere oplossing te komen, zeker niet om werkelijk de volle breedte van een beslissing uit te leggen, maar om precies toe te kunnen lichten waarom hun beslissing logisch zou moeten zijn. Daarmee sluiten ze de deur voor echte verbinding en schuiven ze de verantwoordelijkheid voor het ontstane onbegrip af op degenen die juist van hen afhankelijk zijn. Hierdoor zie je de tegenmacht groeien, terwijl zij geen antwoorden hebben op de complexe vraagstukken… enkel commentaar op beslissingen. En vet dikke gemiste kans dus…
Veiligheid
Ik ken mensen die “zoals ik het menselijk zie” daadwerkelijk belaagd zijn. Mensen die door deze club zogenaamd beschermd worden, maar in werkelijkheid mede slachtoffer zijn geworden van de gebeurtenissen die nu op tafel liggen. Want door wat deze club ons heeft aangedaan, hebben zij niet alleen ons werk beschadigd, maar zelfs het tegenovergestelde bereikt van wat ze beweren te doen… ze hebben de veiligheid, gelijkwaardigheid en de bescherming van mensen ondermijnd.
De schade die zij hebben veroorzaakt reikt verder dan ons leven alleen… zij hebben precies die mensen beschadigd die zij beweren te beschermen.
Mijn werk bestond en zal gelukkig weer bestaan, uit het beschermen van deze mensen en van iedereen die nog strijdt voor gelijkwaardigheid, mensen die opstaan voor hun recht, hun veiligheid en de vrijheid opeisen om te mogen zijn wie ze zijn.
Deze club… deze intellectuele hobbyclub… heeft ervoor gezorgd dat ik een tijdlang mijn werk niet kon doen… het ondersteunen en begeleiden van jongeren en jongvolwassenen, die vaak balanceren op het randje van leven of opgeven. Juist in dat werk is iedere onderbreking een ramp en werkelijk niet zonder gevolgen gebleven. Door mede hun handelen is leed ontstaan dat zij in hun eigen wollige retoriek en papieren werkelijkheid zeggen te willen voorkomen.
Voor de foto’s op de socials meelopen in een protestmars tegen een wereld die ze feitelijk zelf faciliteren… namelijk aanvallen en kapot maken en niet het gesprek aangaan…
Ze hebben mij door hun juridische acties uit overleggen, waarbij de mens preventief beschermd werd, gedwongen. Preventie, het staat in hun verkiezingsprogramma, dat ik in 2022 mede heb onderschreven, maar hun acties hebben daarmee het tegenovergestelde bereikt. Mensen die handelen uit eigenbelang en niet uit menselijk belang.
“Een club die in staat is mensen te misbruiken voor persoonlijk gewin en dan afdanken als een lege verfblik…”
“Daarna de gezamenlijke geschiedenis wissen en tot op heden weigeren mee te werken aan een fatsoenlijke afronding…”
Trumpiaanse praktijken:
Wat hier is gebeurd, is niets minder dan Trumpiaanse praktijkvoering. Ze hebben mij niet alleen uitgesloten, maar doelbewust gelogen, ontkend en zelfs de geschiedenis herschreven, terwijl ik het tegendeel keihard kan bewijzen. Het echte, kritische gesprek ontwijken ze op elke mogelijke manier: niet één-op-één, niet in een groep, niet publiek en zelfs in de rechtbank durft men het niet aan. Terwijl ze anderen beschuldigen van het aannemen van een slachtofferrol, nemen ze die rol zelf in door zich te verschuilen achter zwijgrecht en het weigeren van elke vorm van dialoog ook toen de rechter die kans nog gaf… #Mediation
Daarbij schuwden ze het niet om ons beiden tijdens een bespreking te intimideren en te bedreigen. (Ik kan het jullie laten horen) Dat zegt alles over de manier waarop macht hier wordt ingezet… niet om verantwoordelijkheid te nemen, maar om druk uit te oefenen en mensen het zwijgen op te leggen.
Er zit geen enkele moed in hun handelen. Geen spoor van zelfreflectie. Geen enkele wil om werkelijk te kijken naar wat er mis is gegaan. Uitsluiten en wegdrukken is de lijn die ze hebben gekozen… een strategie van framen, verdraaien, negeren en hopen dat het verhaal verdwijnt als je de mens maar verwijdert uit het systeem.
Het is dezelfde manier van handelen die we herkennen uit de hardste politieke tactieken, het vervangen van waarheid door narratief, van verantwoordelijkheid door ontkenning en van menselijkheid door machtsspel. Ondertussen hebben ze ook bij zoveel mogelijk mensen karaktermoord gepleegd door een bedacht narratief… te verspreiden…
En een rechterlijke macht die kiest voor juridische feitelijkheid zonder de bredere context te erkennen, en daarmee impliciet de slachtofferhouding legitimeert…
Dit moet dan een partij zijn die met kracht opkomt voor alle! mensen, die zegt te staan voor dialoog. Maar het is een club die de slachtoffer speelt wanneer het haar uitkomt. Deze club is een schaamte voor de lokale politiek en waar de partij voor staat en waar ik ooit voor stond… en nog steeds voor sta…“Wij laten niemand vallen”
“Deze club heeft een ijsbal in het hart en is ongeschikt voor de politiek”
Ik buig niet dat heb ik nog nooit gedaan en zal ik ook nooit doen, ik doe wat ik beloof… tenzij het mij onmogelijk gemaakt wordt… En kom niet aan wie ik lief heb… Ik ga door totdat mijn naam en die van Ingeborg zijn gerehabiliteerd en totdat ons werk en menselijkheid weer in hun waarde worden erkend in onze stad. Niet uit wraak, maar omdat wij de verantwoordelijkheid dragen voor wat ons dierbaar is. Ik handelde vanuit waarheid en zorg en ik accepteer niet dat een koude, afstandelijke structuur bepaalt hoe onze en andermans geschiedenis wordt geschreven.
Ik had in stilte opzij gestapt als ik zeker had geweten dat men niet met mensen ging schuiven, als de club het fatsoen had gehad om mij niet te royeren maar een fatsoenlijk afrondend gesprek had gevoerd, mij niet uit de partijgeschiedenis probeerde te wissen en al helemaal als er geen aangifte was gedaan… En juist daarom moet ik dit zeggen, voor iedereen die denkt dat dit mijn verhaal alleen is… wat hier is gebeurd is geen uitzondering… het is een patroon dat overal kan ontstaan waar behoud van positie zwaarder weegt dan het dragen van verantwoordelijkheid en waar structuur belangrijker wordt dan geweten…
Elke organisatie die zichzelf ziet als sociale gemeenschap doet er goed aan zich af te vragen of zij nog kan voelen wat haar besluiten aanrichten, of zij nog ruimte heeft voor tegenspraak zonder vergelding, of zij nog in staat is de mens te zien voordat zij het dossier opent en juridisch maakt… Want een club zonder hart verliest uiteindelijk niet alleen haar critici, maar ook haar geloofwaardigheid, en het herstel daarvan begint niet bij strategie, maar bij de moed om werkelijk te erkennen wat men heeft aangericht en dat samen te dragen en uit te praten…
In de spiegel…
Ik ben de mens die niet zweeg.
Ik ben de mens die handelde.
Ik ben de mens die de menselijkheid liet voorgaan.
En dat is iets wat geen club of rechter, harteloos, rechtvaardig of niet, mij ooit zal kunnen afnemen.
Er was een oorzaak… maar dat was niet het probleem… dat zat om de oorzaak heen, waarin jaloezie, afgunst en machtsbelangen van groter belang waren dan de menselijke.
Ik had meerdere keren mensen belooft te beschermen tegen bovenstaande, want ik wist.., ze kenden mij meer dan zeer goed, ze hadden daar op kunnen blijven vertrouwen… #MaarEcht
Ik schrijf dit voor alle mensen die ik noodgedwongen heb moeten teleurstellen in de steek heb moeten laten, die mij zwijgend in stilte zagen verdwijnen en zich afvroegen: WAAROM? Wat is er in vredesnaam aan de hand? Sorry sorry!!
Iedere dag weer word ik geconfronteerd met nieuwe vraagtekens, nieuwe twijfels, en de verwarring die als een sluier al te lang door stilte kon blijven bestaan. Ik heb geprobeerd het te dragen, te wachten, te hopen dat het op de één of andere manier zou oplossen… maar dat doet het niet. En daarom kan ik niet langer zwijgen. Ik doe dit voor mezelf, voor de mensen die mij zijn blijven vertrouwen die mij in volle kracht nodig hebben. Omdat stil blijven geen rust meer brengt, maar voelt als verraad aan wat waar is.
Ik ben er weer en ik pak door en zal mij nooit en te nimmer van mijn pad laten brengen. Ook al zal dit wederom op een juridische straf komen “het bewijs bewijst het…” #Dan
Ik zal wederom incasseren en blijven terugkomen en doorpakken totdat iedereen weet wat het moet weten…
Deze Club heeft de liefste mensen die er in deze stad bestaan, en dat zijn zeker niet onze eigen woorden, en een in meer dan veertig jaar zorgvuldig opgebouwd sociaal, maatschappelijk, cultureel en politiek netwerk naar de klote geholpen. Waar de één de gebeurtenis veroorzaakte, de ander het faciliteerde en de rest wegkeek, heeft deze D66 Club Amersfoort in de periode 2022–2026 verantwoordelijkheid gedragen voor pure onmenselijkheid. Wat hier is aangericht, is niet alleen een reeks fouten of vergissingen, maar een fundamenteel gebrek aan menselijkheid dat diepe sporen heeft achtergelaten in levens, in vertrouwen en in alles wat in decennia zorgvuldig is opgebouwd.
Deze huidige club mensen zou zich kapot moeten schamen voor wat ze hebben aangericht…
Verkiezingen
Mijn persoonlijke conclusie is dat ik wens dat de huidige club 2022-2026, bestuur en fractie verdwijnen en ruimte maken voor een echt D66 geluid waar de mens weer centraal staat. Ik twijfel nog maar zie bij andere partijen niet het juiste fundament om op te stemmen. En ik vraag aan mensen met een warm hart dit ook goed te overdenken.
Ik onderschrijf nog steeds in volle overtuiging het D66 gedachtegoed en landelijk heb ik ook ondanks wat ons door partijmensen is aangedaan wederom op een D66 dame gestemd die opkomt voor rechten van kind en vrouw…
Maar ik vind een snoeiharde reset voor de toekomst van politiek Amersfoort hier gerechtvaardigd en wellicht noodzakelijk.
En stem je wel op het programma van D66 Amersfoort, stem wijs… en net op die ene…
Sla er een aantal over die deze schade hebben veroorzaakt en of hebben laten gebeuren…
Stem wellicht op die oud café eigenaar die met zijn gezin midden in het leven staat, die ondernemer is, die letterlijk cultuur in de stad heeft gebracht… Of op die architect die weet hoe Amersfoort ook zakelijk draait en tegelijkertijd tussen de mensen leeft… Of toch… die ene persoon die men ongeschikt voor de politiek achtte…
Wie prioriteit geeft aan een zielvriendelijke stad, met ruimte voor groen, cultuur, verbinding en de idealen van jonge mensen, kan terecht bij partijen als Volt, Partij voor de Dieren of GroenLinks.
Wil je een partij die af en toe aan het geweten van de ijzige zakelijke wereld krabbelt kies dan de SP.
Wie meer nadruk legt op economische koers, bestuurlijke zakelijkheid en financiële ruimte, kan zich beter verdiepen in partijen met een duidelijke liberale of pragmatisch-bestuurlijke aanpak, zoals de VVD…
Of kies voor lokale partijen als Beter Amersfoort en Amersfoort2014.
Voor D66 Amersfoort acht ik een periode van interne herijking noodzakelijk, met nadruk op herijking van de menselijkheid, bestuurlijke zorgvuldigheid en interne verantwoordelijkheid.
En ik blijf voor iedereen, op de oud bestuur- en fractievoorzitter/lijstrekker na… beschikbaar voor gesprek en reflectie…
Bernard
Laat iedereen vrij, maar niemand vallen…
Een website met alle relevante achtergrondinformatie is alleen op verzoek beschikbaar.
Ga meteen naar media artikel:
D66-raadslid weigert gesprek met mentor en doet aangifte.
Ga meteen naar media artikel:
Besturen D66 beschadigen levens
Ga meteen naar mijn bericht:
D66 Amersfoort een club zonder hart
Bernard
Laat volstrekt helder zijn dat ik in eerste instantie zeker niet het raadslid, maar primair zowel het lokale als het landelijke bestuur, de fractieleiding maar ook onze burgermeester volledig verantwoordelijk houd voor alle schade die is ontstaan of nog gaat ontstaan. Deze schade betreft niet alleen mij persoonlijk, maar strekt zich ook uit tot het raadslid en de lokale afdeling. Door hun handelen en nalaten hebben zij direct en indirect bijgedragen aan de ontstane situatie en dragen zij de volledige aansprakelijkheid voor alle daaruit voortvloeiende gevolgen..
“In deze club waar machtsverhoudingen en belangen domineren, blijkt klokkenluiden niet te leiden tot waarheidsvinding of menselijkheid. Het tegendeel blijkt, degene die de ethiek bewaakt, wordt uitge- en buitengesloten.”
Disclaimer:
(pas gemaakt na de uitspraak en de media berichtgeving 23-12-2023 tot die tijd heb ik al het mogelijke gedaan om het raadslid nog enigszins te beschermen, dat heb ik nu los moeten laten)
Het feit dat ik mij nog zo intens met deze zaak bezighoud, heeft niets te maken met het raadslid zelf. Het gaat erom dat wat ik in veertig jaar… samen met Ingeborg… politiek, cultureel, maatschappelijk en sociaal in Amersfoort heb opgebouwd, in twee jaar tijd is verdampt en schade heeft aangericht in het netwerk om ons heen. En dat alles gebeurde omdat ik weigerde mee te werken aan het naar de achtergrond duwen van een raadslid dat mij vanuit innige vriendschap had gevraagd haar te begeleiden. Iemand die ik meerdere malen had beloofd te beschermen tegen jaloezie en machtsbelangen…
Na een kritisch gesprek, bedoeld om haar sociale optreden te laten reflecteren, wilde het raadslid niet meer met mij spreken. Ik wist al langere tijd dat er binnen de organisatie moeite was met de samenwerking met haar… sommige mensen weigerden met haar te werken. En er waren mensen die haar liever zagen verdwijnen…
De titel van deze site, “Zaak D66”, is niet voor niets gekozen: het grootste deel van dit verhaal gaat over hoe de partij hier menselijk mee is omgegaan… en dat verdient kritische aandacht.
Wat later juridisch werd gezien als een eerste “stopbericht” was mij destijds werkelijk niet duidelijk. Op mijn vraag of ik dan niets meer voor haar of voor de fractie kon betekenen, kreeg ik geen eenduidig antwoord. Tegelijkertijd gaf het raadslid eerder wél expliciet toestemming om voor de fractie te blijven werken. Hoe dat met elkaar te rijmen was, is mij nooit duidelijk geworden. Ik ben daarna direct gestopt met het vragen om een goedmaakgesprek… de berichten die volgden waren louter functionele communicatie. Daarnaast heb ik één mail aan de ouders gestuurd met het verzoek om een gesprek, maar ook dat werd geweigerd.
In totaal ging het over een periode van acht maanden om exact 23 werkberichten, gemiddeld minder dan één per week. Toch wordt dit juridisch als “belaging” bestempeld. Terwijl wij in de periode waarin zij mij nog nodig had tot twintig appberichten per dag uitwisselden.
Na de eigen stopbrief van het raadslid, lang vóór het stopgesprek bij de politie had ik al volledig de gewenste afstand gehouden, in alle opzichten, zelfs op manieren die mijn werk zwaar hebben beschadigd. De reden van dit extreme stopgeprek waarin de rechercheurs al aangaven dat ik mij netjes aan haar eigen stopbrief hield blijkt later door de burgermeester geinitieerd te zijn. Na 8 maanden heb ik slechts één bericht gestuurd namelijk een korte juridische mededeling die ik noodzakelijk en fatsoenlijk achtte. Daarna volgde de aangifte…
Het zou de media sieren om het dossier, de tijdlijn en het werkelijke berichtverloop eens grondig te bestuderen. Juridisch heet dit belaging; menselijk gezien is het echt veel complexer.
Wie dat onderscheid wil begrijpen, kan het hier lezen en horen.
Wij knokken door tot maximale rehabilitatie van onze namen…
Ga naar de pagina met de bewijzen die opgevoerd zijn.
—> Hier vind je de laatste updates over De Zaak D66 Amersfoort.
—> Hier vind je het mediastuk over De Zaak D66 Amersfoort
—> Hier vind je mijn verhaal over deze kwestie.
—> Hier vind je mijn feitenlijst over De Zaak D66 Amersfoort.
—> Hier vind je de kwijtgeraakt lijst door deze kwestie.
—> Hier vind je de timeline van de gebeurtenissen onder en naast elkaar.
—> Hier vind je de psychologische rapporten in De Zaak D66 Amersfoort.
—> Hier vind je de eerste reacties naar aanleiding van het artikel.
—> Hier vind je de verklaringen van derden op dit alles hier.
—> Hier vind je de bestanden die er zijn in deze zaak, alleen toegang met wachtwoord.
Al jaren tegen de politiek aanleunen, Ikke Politiek.
Lees hier wat er aan vooraf ging, Beëindiging Sales & Design.
B gaat voor D66 Amersfoort, Persbericht.
Mijn kandidaatstelling, Ik en hoe en waarom ja.
Mijn belangrijkste standpunten.
Mijn D66 Amersfoort pagina.
STRIKT VERTROUWELIJK!
Als je op dit deel van mijn site terecht bent gekomen, dan heb je of een link gekregen of je bent echt op zoek gegaan naar dit verhaal. Er zijn geen zoek of menu linken te vinden in de zichtbare menu’s van mijn site.
Geef zonder toestemming van mij niet zomaar een link naar deze verborgen pagina’s door!!
Deze teksten bevat mijn persoonlijke visie en gebruikt de duiding die reeds openbaar is gemaakt in de media.
Laat helder zijn, dat onze beide namen al waren opgevraagd bij de rechtbank door partijleden na een mail van het D66A bestuur die vroegtijdig was rond gestuurd en het ADA krantenbericht, ik kreeg al snel vragen uit de stad voor mijn kiezen. Ik wil niet dat dit alles naar buiten toe gebracht wordt!
Dat zou alle betrokken partijen nog meer schaden en dat is het laatste wat ik wens!
Belanghebbenden met gegronde vragen kunnen langskomen voor een gesprek en documenten op onze locatie inzien of beluisteren, indien noodzakelijk… Er worden geen documenten toegezonden!





