Als ruggen muren worden…

“Een bespiegeling op Gaza… over een spiraal van geweld die zich dieper en dieper vastzet…”

In de rook van de oorlog klinkt geen stem. De schreeuw van een kind, het rennen van een moeder, het breken van een muur… het overstemt elk woord dat vrede zoekt. Gaza is geen enkelvoudige plek. Het is een landschap van pijn, een kluwen van geschiedenis, overlevingsdrang en macht, waarin haat niet geboren wordt uit de mens, maar uit de voortdurende herhaling van onrecht en verlies.

Haat is nooit spontaan… ze wordt gezaaid, gevoed, besproeid met het bloed van dierbaren en bemest met het wantrouwen van generaties. In Gaza is haat niet alleen een gevoel… het is een systeem, een reactie, een geleerde taal. Ze ontstaat niet uit ideologie alleen, maar uit het systematisch afbrokkelen van hoop. Waar een mens geen uitweg meer ziet, groeit de schaduw groter dan het lichaam zelf.

Maar laten we niet doen alsof dit verhaal zich eenvoudig laat vertellen in zwart en wit. Wat zich in Gaza afspeelt, is geen strijd tussen licht en duister. Het is een dans tussen angst en controle, tussen trauma en overtuiging. Extremisten staan niet tegenover elkaar… ze staan als een muur met de ruggen tegen elkaar gedrukt, schouder aan schouder met hun eigen spiegelbeelden, blind voor elkaars tranen. Ze zien alleen hun eigen verleden weerspiegeld in de ogen van de ander…

“En dát verleden zegt, ‘je moet overleven, tegen elke prijs!.”

En daartussen… daar leeft het volk. Palestijnen die willen leven. Israëlische burgers die verlangen naar veiligheid zonder schuld. Ouders die hun kinderen naar school brengen, hopend dat ze thuiskomen. Jongeren die dromen van muziek, werk, liefde en een veilig plekje op aarde… niet van martelaarschap of controle. Hun stemmen worden overstemd door het geluid van sirenes, raketten, mediaframes en politieke belangen. Maar zij zijn het grootste deel van dit verhaal.

“De mensen die lijden onder beslissingen waar ze geen zeggenschap over hebben.”


Tegelijk ligt onder veel van deze pijn een diep oeroud conflict over land en grenzen. Wie bepaalt wie waar mag zijn? Wie stelt de kaart vast als de grond zelf bevochten is? In het eenzijdig claimen, omheinen of bezetten van gebieden ligt een van de gevaarlijkste wortels van het conflict. Niet omdat mensen geen grond nodig hebben… maar omdat het opeisen ervan zonder gezamenlijke erkenning telkens opnieuw geweld uitlokt.

“Zolang de grenslijn een wapen blijft in plaats van een afspraak, zal geen muur vrede brengen.”


De wereld kijkt toe. Ze wil begrijpen. Ze wil nuance, balans, empathie. Maar in haar poging om alles te zien, grijpt ze ernaast. De wereld wil niet kiezen, maar wie niet kiest, laat de status quo voortbestaan. En ondertussen worden woorden als ‘pro’ of ‘anti’ gebruikt als messen, niet als bruggen. Wie zich uitspreekt, wordt verdacht.

“Wie zwijgt, wordt medeplichtig genoemd.”


Toch… zijn woorden niet vergeefs. Een verklaring, een veroordeling, een uitroep van solidariteit lijkt misschien een fluistering in het lawaai, maar bereikt soms precies dát ene oor. Niet van een generaal, een leider of een fanaticus. Maar van een vader in Rafah die voelt dat hij niet vergeten is. Van een joodse moeder in Tel Aviv die zich gehoord weet in haar roep om wederzijds menszijn. Woorden hebben macht.

“Niet altijd macht om te stoppen, maar wel om te helen.”


Maar er is één grens die nooit in nevelen mag vervagen: offensieve agressie, ongeacht door wie gepleegd, moet altijd door de wereldgemeenschap als zodanig worden veroordeeld. Niet uit partijdigheid, maar uit principe. Wie onschuldigen opzettelijk treft om macht te tonen of terreur te zaaien, ondermijnt het fundament van ieder moreel en rechtvaardig samenleven. Neutraliteit mag nooit stilzwijgen betekenen tegenover georganiseerde wreedheid.

En wat geldt voor de politieke en menselijke orde, geldt ook voor het religieuze domein. De geloven die voortkomen uit verwondering, toewijding en mededogen moeten zich niet laten gijzelen door hun extremen. Waar extremisten de negatieve uithoeken zoeken, daar ligt de opdracht voor gelovigen in het vinden van de gedeelde kern. Niet in het eisen van gelijk, maar in het erkennen van elkaars licht.

“Menselijkheid kiezen is de enige partij die niet verblindt, maar verbindt; niet neutraliseert, maar activeert tot het zoeken van heling waar de ruggen nu nog gekeerd zijn.”

De wereld heeft geen pasklaar antwoord. Maar dat ontslaat haar niet van de plicht om te blijven spreken. Om te blijven kijken, voelen, vragen. Om de extremisten niet als belichaming van het geheel te zien. Om de ruggen die nu tegen elkaar staan, weer langzaam te laten draaien… tot ze elkaar in de ogen kunnen kijken. Niet als vijanden. Maar als mensen.

“Zelfs als schaamte hen lang heeft afgewend, moet het gesprek altijd weer worden gezocht via de ogen van vertrouwen. Want alleen in die blik ligt de waarheid die wapens nooit tonen…”

Mijn Oproep aan de wereld

Laat onze eerste reactie niet verontwaardiging zijn, maar verwondering.
Niet: “Wie heeft gelijk?”, maar: “Hoe zijn we hier gekomen?”
Laat het oordeel niet het eerste woord zijn, maar het luisteren.
Luister naar het verhaal achter de woede, naar het kind achter de soldaat, naar de ouder achter de dader.

Wees niet bang om te spreken, ook al weet je niet zeker of je het juiste zegt.
Want wie in stilte toekijkt, wordt door de geschiedenis herinnerd als toeschouwer.
Maar wie in compassie spreekt, zelfs te midden van het onbegrip, wordt misschien gehoord door degene die het het hardst nodig heeft.


Laten we geen partij kiezen.
Laten we kiezen voor de mens.
Steeds opnieuw.
Steeds weer opnieuw.
Opnieuw…
Waar woorden tekortschieten maar blikken elkaar vinden.
Opnieuw…
Omdat de mens altijd meer is dan zijn kamp.
Opnieuw…
Omdat haat nooit de laatste stem mag zijn.
Opnieuw…
Omdat vertrouwen soms begint in stilte.
Opnieuw…
Niet om te vergeten, maar om te helen.
Opnieuw…
Omdat liefde niet zonder moed bestaat.
Opnieuw…
Omdat zwijgen de ander niet redt.
Opnieuw…
In het midden van het nu.
Opnieuw…
Voorbij wat was.
Opnieuw…
Tot we elkaar weer aankijken.
Opnieuw…
Tot we elkaar weer herkennen.
Opnieuw…
Tot we samen durven zeggen…

“Ik zie je.”


Ik schreef ooit dit als songtekst…

The Only Way

Born on this same earth
At birth, each of us a blank sheet of paper
Not knowing the differences of mankind
Full of love and understanding, without words and religion
Just hoping for love from the other

We are red inside
Steeped in self-righteousness
We are red inside
Hoping for understanding from the unknown

We are red inside
The universal color of love

Born on this same earth
I walk around at another place
Doubting whether my truth is the only truth
Not knowing you, walking around at that other place
You, convinced of the other truth

We are red inside
Steeped in self-righteousness
We are red inside
Hoping for understanding from the unknown
We are red inside
The universal color of love

I Want to get to know you, without fear
But you do not behave as I have been taught
Can you tell me why
Can you let me feel that which I do not understand
I want to love you without fear

We are red inside
Steeped in self-righteousness
We are red inside
Hoping for understanding from the unknown

We are red inside
The universal color of love

Imagine that we do not need to explain
Imagine that we do not have to listen
Imagine that we could just sense the other
We know that we want the same
We want to live in that same love

We are red inside
Steeped in self-righteousness
We are red inside
Hoping for understanding from the unknown
We are red inside
The universal color of love

Only then the holy spirit will come down upon the earth
I don’t believe in God who created man
I believe in God who’s created by man
Man has the power, man carries the truth in its hand…
We hold it in our hands… We hold it in our hands… We hold it in our hands……

Bernard

Lees hier hoe dit zo gekomen is…
The Only Way, waarom


Met AI tekst en beeld ondersteuning, maar daarom zeker niet minder mijn verhaal.
Lees anders over dat… dit!

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.